De welhaast traditionele vakantie-reis van Geert naar Zwitserland werd dit jaar weer ondernomen samen met clubgenoot Renald Tinneveld en vriendin Tonnie Mariën. Op zondag 30 mei vertrokken we bij het krieken van de dag vanuit St.Willebrord Noord-Brabant per auto langs Venlo – Koblenz – Ludwigshafen – Karlsruhe – Basel en Zürich naar ons eerste basiskamp Chur, alwaar we ons zonder echt jakkeren tegen het einde van de middag konden installeren in ons hotel in de oude binnenstad. Van daaruit zouden we de eerste week diverse trips maken in het kanton Graubünden, maar soms ook ver daar buiten!
Via internet had Renald behalve de hotel-reserveringen ook de nodige informatie aan spoorweg- dienstregelingen verzorgd en aan de hand daarvan een groot aantal treintour-dagprogramma’s samengesteld waarvan alleen de exacte volgorde naar gelang van lust en noodzakelijkheden nog nader zou worden bepaald. De tweede week van ons verblijf zou dan in meer westelijk gelegen regio’s van Zwitserland worden doorgebracht.

Maandag 31 mei werd ingevuld met een toch altijd weer boeiende dagtrip op en neer naar Tirano, via het Albula- en Bernina-tracé van de Rhätische Bahn, maar voor de verandering deze keer eens met de Bernina- Panorama-Express! Dat kost je buiten je Swiss Pass om per enkele reis en per persoon wel 7 zwitserse franken toeslag, maar bij mooi weer is het extra aan uitzicht dat ook wel waard, zeker als door het ontbreken van grotere aantallen mede-passagiers in het rijtuig vrijelijk naar links dan wel rechts kan worden geswitcht en zelfs nog ietwat voor- of achteruit. Voor het filmen en fotograferen blijven de vaste en getinte ramen wel een beperking.
Hadden we in Chur al de nodige wijzigingen in en om het station kunnen constateren (verdere uitbouw van perrons en onderdoorgang, de toch wel schilderachtige goederenloods aan het stationsplein bij het Arosa-emplacement was inmiddels afgebroken), ook in Filisur wordt het station thans flink op de schop genomen: er komt een middenperron, bereikbaar via een onderdoorgang, en dat brengt flink wat schuiven met de sporen met zich en de nodige improvisatie bij de afhandeling van de treinen en het reizend publiek. In het station zijn tekeningen voorhanden welke tonen hoe het in diverse fasen allemaal anders wordt maar toch ook weer heel mooi, hetgeen niet van elk omgebouwd Rh.B.-station zonder meer gezegd kan worden.
Gedrieën nuttigden we in de oude binnenstad van Tirano een pizza, waarbij naar Italiaans
  gebruik ook een heffing voor het gebruik van een gedekte tafel moest worden neergeteld, Renald en Tonnie bezochten nadien de fraaie kerk die normaal alleen maar met de trein over het plein aan de achterzijde gepasseerd wordt en Geert verlustigde zich onderwijl in de rangeer-bewegingen op het zo krappe smalspoor-station.

Bij slechter wordend weer namen we een iets latere gewone trein terug. De serpentines omhoog en later weer omlaag en het ruige landschap boven de boomgrens blijven telkens weer fascineren. Nog slechts één twee-assig bagage-rijtuig werd in een trein gesignaleerd: de 4036; overigens reden de treinen met (ombouw?) vierassige BD-rijtuigen van twee typen : de nrs. 2477 en volgende resp. lagere nummers. Onderwijl werden nog de 2-assige dienstmotorwagen 151 en idem strijkijzer-elocs 161 en 162 waargenomen en de Bernina-motorrijtuigen 31 en 35.


2 SPOOR II NIEUWS nr. 16 5/2004 <<< >>>